Home

- Nieuws
- Auteur
- Publicaties
- Bestellen
- Gastenboek

Mail

Volg mij op

Boeken

- kinderen
- jeugd
- volwassenen

De boom in

Fragment

Introductie

Boekpresentatie

Recensies

 

De schoolbel rinkelt. Weekend! Mike propt zijn spullen in zijn tas en loopt naar buiten. Het is veel te lekker weer om binnen te zitten.
Op het schoolplein komt Sven naar hem toe. ‘Ga je mee? We gaan extra oefenen met goal schieten voor de wedstrijd zondag.’ Hij lacht. ‘We gaan van ze winnen!’
Mike zucht. De belangrijkste wedstrijd van het seizoen en hij staat aan de kant. ‘Ik mag twee weken niet voetballen van die stomme dokter.’ Allemaal omdat hij dinsdag onderuit geschoffeld was bij de training. Zijn knie doet bijna geen pijn meer. Toch mag hij niet voetballen, alleen omdat de dokter dat gezegd heeft.
‘Kom je dan kijken?’ vraagt Sven.
Toekijken hoe de rest lol heeft, daar heeft Mike geen zin in. ‘Nee.’
Sven trekt zijn wenkbrauwen op, draait zich dan om en loopt naar het groepje jongens dat klaarstaat om te gaan voetballen. Mike kijkt ze beteuterd na als ze vertrekken. Van mama mocht hij een vriendje meenemen, maar al zijn vrienden gaan voetballen.
Iets verderop zit Lars alleen op een paaltje. Hij woont pas een maand in het dorp en houdt niet van voetbal. Toch is hij wel aardig. Mike heeft al een paar keer met hem gekletst. Hij loopt naar Lars toe. ‘Hey, heb jij al plannen voor vanmiddag?’
Lars haalt zijn schouders op. ‘Niet echt.’
‘Heb je zin om mee naar mijn huis te gaan?’
‘Naar jouw huis? Nou, eh, dat dacht ik niet.’ Hij trekt een gezicht alsof Mike heeft voorgesteld om naakt een dansje op het schoolplein te doen.
Mike laat zijn schouders hangen. Waarschijnlijk heeft Lars verhalen van Thomas gehoord over Robin. Mikes debiele broer, zoals Thomas hem noemt.
Twee weken geleden had Mike Thomas mee naar huis genomen om te spelen. Toen raakte Thomas Robin aan, gewoon met een hand op zijn schouder. Maar Robin wil niet aangeraakt worden door vreemden. Hij begon te schreeuwen en om zich heen te slaan. Voordat mama kon ingrijpen, had Thomas al een blauw oog te pakken en vluchtte het huis uit. Op school vertelde hij het hele verhaal. Hij noemde Robin een monster. Dus Mike snapt wel waarom Lars niet mee wil, maar leuk vindt hij het niet.
‘Mijn broer komt pas over anderhalf uur thuis. Hij zit op een speciale school en wordt thuisgebracht met een busje,’ probeert hij.
‘Nou, eh…’ Lars schuifelt heen en weer met zijn voeten.
Mike voelt dat hij rode wangen krijgt. Hij schaamt zich, maar is ook woedend. ‘Doe niet zo stom, man. Je bent toch niet bang voor mijn broer? Heb je nooit iemand gezien die anders is?’
Lars buigt zich voorover en fluistert: ‘Is het waar dat hij een luier aan heeft en in zijn broek poept?’
‘Ja,’ bijt Mike hem toe. ‘Mijn broer van tien poept en plast nog in zijn broek, moet geholpen worden met aankleden en is nog dommer dan een kind van drie. Nou en?’ Hij draait Lars zijn rug toe. Lars hoeft niet te zien dat de tranen in zijn ogen schieten. Mike zou zo graag een normale broer willen hebben. Eentje met wie hij naar school kon fietsen. Met wie hij samen kon spelen en voetballen. Een grote broer die voor hem zou opkomen in plaats van andersom.
Mike rent weg en voelt een steek in zijn knie. Ook dat nog.
‘En klopt het,’ roept Lars hem na, ‘dat je broer loeit als een koe?’
Wát? Met gebalde vuisten draait Mike zich om. Hij sprint op Lars af en negeert de pijn in zijn knie. ‘Rotzak!’ Hij duikt op Lars en slaat hem met zijn vuist tegen de kin.
Met een brul duwt Lars Mike van zich af. Maar Mike laat zich niet wegduwen, hij grijpt Lars bij zijn shirt en trekt hem mee. Samen rollen ze over het schoolplein.
Mike krijgt een stoot in zijn zij. Hij voelt het amper. Hij slaat en schopt om zich heen. Hij is boos. Zo boos! Als hij zou stoppen met vechten, zou hij ontploffen.
Ineens wordt hij door een sterke hand achteruit getrokken. ‘Stop,’ klinkt de stem van meester Jan. De meester gaat tussen hem en Lars in staan. Met een strenge blik kijkt hij van de een naar de ander. ‘Wat is hier aan de hand?’

© Tracy van de Ven
Mike kijkt weg. ‘Niets.’
‘Helemaal niets,’ zegt Lars.
‘Ik wil weten waarom jullie aan het vechten waren,’ zegt de meester.
Mike zwijgt en ook Lars houdt zijn mond dicht.
‘Als jullie je gedragen als kleuters, mogen jullie woensdagmiddag het plein van de kleuters opruimen. Samen.’
‘Nee,’ zegt Mike. Bij de kleuters? Wat een afgang! ‘Dat is niet eerlijk.’
‘Het leven is niet altijd eerlijk,’ zegt meester Jan.
Alsof ik dat niet weet, denkt Mike. Een zere knie, een gekke broer en nu ook nog straf. En alleen omdat hij opkwam voor Robin. Hij wil weg. Ver weg. ‘Mag ik naar huis?’
Als de meester knikt, sjokt Mike naar zijn fiets. De woorden van Lars spoken door zijn hoofd. ‘Loeit je broer als een koe?’ Het doet pijn, want het is waar. Zijn broer loeit soms als een koe.

 

 

Logo Bianca Mastenbroek
Bianca Mastenbroek Bianca Mastenbroek (1975) is geboren en getogen in De Moer (zes straten, een kerk en een café) en woont sinds 1995 in Eindhoven.
Zoals heel veel schrijvers was ze van jongs af aan al gek op lezen en schrijven. Als kind schreef ze hele schriften vol. Haar allereerste ‘boek’ heeft ze als tiener nog op de typemachine uitgetypt.
 
  Lees meer op de pagina 'Auteur'  
     
Geheugenstrijd