Home

- Nieuws
- Auteur
- Publicaties
- Bestellen
- Lezers op de foto

Mail

Volg mij op

Boeken

- kinderen
- jeugd
- volwassenen

De boom in

Fragment

Introductie

Recensies

Boekpresentatie

In de pers

 

Voorwoord
‘Norbert, je bent mijn zoon.’

Ik ben geadopteerd. Dat is nooit een geheim geweest. Maar wie mijn biologische ouders waren, wist ik niet. Vanaf mijn puberteit ben ik op zoek gegaan naar mijn wortels. Op mijn twintigste ontmoette ik eindelijk mijn biologische moeder, maar mijn vader… Zijn identiteit was een groot geheim. Hoe ik ook aandrong bij mijn biologische moeder, ze wilde zijn naam niet onthullen.
Na een jarenlange zoektocht ontdekte ik eindelijk wie hij was: de bekende voetballer en nog bekendere coach Guus Hiddink. Achteraf gezien waren er gedurende mijn leven genoeg tekens dat hij mijn vader was, ik heb ze alleen nooit opgemerkt.
Ik nam contact met hem op, op zoek naar erkenning, maar Guus wees me af. Ondanks alle aanwijzingen die ik in de loop der jaren verzameld had, ontkende hij dat hij mijn vader was.
Vrijwel meteen maakte ik hem duidelijk: ik ben niet uit op geld. Door mijn adoptie zijn alle juridische banden met mijn biologische ouders verbroken, dus ik heb niet eens recht op geld en bovendien interesseert het me niet. Er is maar één ding dat ik wil, uit de mond van Guus Hiddink horen: ‘Norbert, je bent mijn zoon.’
Ik heb hem gevraagd – gesmeekt zelfs – om een DNA-test. Als hij mijn vader niet is, kan hij dat heel gemakkelijk bewijzen. In een telefoongesprek beloofde Guus dat hij daaraan zal meewerken, maar die test heeft nooit plaatsgevonden, zelfs niet nadat ik de media heb opgezocht en hem er publiekelijk naar vroeg.
Ik heb dit boek geschreven, zodat iedereen de waarheid zal kennen, zodat iedereen kan lezen wat Guus Hiddink in zijn jonge jaren gedaan heeft (en geloof me, dat verdient geen schoonheidsprijs). Met dit boek wil ik laten zien hoe Guus mijn leven en dat van mijn biologische moeder voor altijd getekend heeft. Het is hoog tijd dat hij hiervoor verantwoordelijkheid neemt.
Aangezien Guus mij niet wil erkennen, mag de lezer zelf een oordeel vellen. Dit is mijn verhaal, mijn leven zoals ik het beleefd heb, met zijn mooie en minder mooie kanten, met hoogtepunten en dieptepunten, met zekerheden en heel veel onzekerheden. Maar dat Guus mijn vader is, staat voor mij onomstotelijk vast.

Hoofdstuk 1
Ongewenst

Ik was niet gewenst. Sterker nog: mijn komst was een schande, want mijn moeder Wilma van Hasselt was – wee haar gebeente – op haar 21ste ongehuwd zwanger. En dat in 1963, in een gegoed katholiek milieu. Er was zelfs in de verste verte geen vaderfiguur te bekennen. Die had andere dingen te doen dan vader spelen: een voetbalcarrière opbouwen en een wereldberoemde coach worden. Als mijn biologische familie toen had geweten wie mijn vader was, was ik wellicht wél welkom geweest. Nu was mijn komst een schandaal. Niet alleen voor mijn moeder, maar voor haar hele familie.
Haar vader, dr. Piet van Hasselt, was een prominente figuur in de omgeving. Niemand mocht van mijn bestaan weten. Daarom werd mijn moeder, toen ze een buikje kreeg, weggestopt in het huis van haar broer Rob en diens gezin in Naarden.
Op 1 januari 1964 zag ik, Norbert Robertus Germaine Maria van Hasselt, het levenslicht in het Majella Ziekenhuis in Bussum. Een nieuw jaar, een nieuw leven, het had een feestje moeten zijn. Maar ik was een probleem. Mijn grootvader moest natuurlijk aan zijn reputatie denken en mijn grootmoeder… Ze had veertien kinderen op de wereld gezet en vooral de jongste had ze nooit gewild. De zorg voor het huishouden en de kinderen had ze overgedragen aan een tante die in huis woonde. Wilma was de hekkensluiter en nu had dat ongewilde kind zelf ook zo’n schreeuwend en huilend mormel op de wereld gezet. Daar zat mijn grootmoeder beslist niet op te wachten. Toch namen mijn grootouders mijn moeder en mij in huis, want bij Rob en zijn gezin konden wij ook niet blijven. Het was gedoemd te mislukken.

...

 

 

 

 

 

Logo Bianca Mastenbroek
Bianca Mastenbroek Bianca Mastenbroek (1975) is geboren en getogen in De Moer (zes straten, een kerk en een café) en woont sinds 1995 in Eindhoven.
Zoals heel veel schrijvers was ze van jongs af aan al gek op lezen en schrijven. Als kind schreef ze hele schriften vol. Haar allereerste ‘boek’ heeft ze als tiener nog op de typemachine uitgetypt.
 
  Lees meer op de pagina 'Auteur'  
     
Geheugenstrijd